Tuinstijlen.
Bij het ontwerpen van een tuin zijn veel verschillende tuinstijlen mogelijk. Samen met u bekijken we welke tuinstijl het beste bij u en uw woonomgeving past. Om u alvast een indruk te geven van de mogelijkheden hebben wij onderstaand de verschillende tuinstijlen overzichtelijk weergegeven, waarbij de volgende punten worden toegelicht:
- de kenmerken,
- toe te passen beplanting,
- toe te passen materialen èn
- het nodige onderhoud.

Hiermee kunt u een tuinstijl zoeken welke past bij uw persoonlijkheid en uw woonomgeving.
Wij adviseren u graag met onze jarenlange ervaring, daar er nog vele andere factoren van belang zijn zoals ligging van het huis, lichtinval, grondsoort, etc., etc.


Formele tuin.
Kenmerken.
De formele tuin is een zeer veel toegepaste stijl, waarbij een balans gezocht wordt tussen meetkundige lijnen en symmetrie, veelal afgescheiden door haagjes van buxus. De groenblijvende haagjes geven de tuin een duidelijke structuur. Het voordeel van dit soort tuinen is dat het resultaat meteen na de aanleg zichtbaar is.
In deze tuin kan veel beplanting worden verwerkt, denkend aan mooie bloeiende borders, afgewisseld met heesters en bomen, wat weer mooi staat tegenover de hagen.
Beplanting.
Bij het beplanten van een tuin moet er naast de opbouw met vaste planten ook altijd hoogte in de beplanting worden gebracht met behulp van heesters of een smalle hoge boom. Verder wordt de tuin vaak opgefraaid met een beeld of ornament. Natuurlijk niet te vergeten is het tuinbankje die aan het einde van een tuinpad of zichtlijn wordt geplaatst.
Materiaal.
Zeer verschillende soorten materialen worden hier toegepast, mits het goed op elkaar aansluit.
Onderhoud.
Het normale maandelijkse onderhoud, met daarnaast de voor- en najaarsbeurt.


Japanse tuin.
Kenmerken.
Rust is zeer kenmerkend voor dit type tuin, dit word verkregen door de eenvoud aan beplanting en de natuurlijke materialen, alles is zorgvuldig uitgekozen en doordacht tot in het kleinste detail. Dit is al te zien aan de beplanting, waar de bladvormen en -kleuren een zeer belangrijke rol spelen. Natuurlijk niet weg te denken is het water, dit word in diverse vormen toegepast in de japanse tuinen, denkend aan vijvers, kabbelende watervallen en de waterornamenten, zoals bijv. een molensteen. Het water stelt de levensstroom voor. Als er geen water aanwezig is wordt er gebruik gemaakt van fijn grind. Het grind wordt in golvende lijnen geharkt en stelt op een symbolische manier het water voor.Langs het water liggen grote stenen. De stenen symbolyseren de obstakels die een mens op zijn levensweg tegenkomt.
Beplanting.
De beplantingsoorten voor de japanse tuin zijn bamboe, japanse azalea’s, japanse esdoorns, enkianthus, pinus, rhododendrons, wisteria, varens en mossoorten.
Materiaal.
Grind, rotsblokken, bamboeschermen, evenals granieten bruggen, verweerd hout zijn kenmerkend, als het maar natuurlijk materiaal is.
Onderhoud.
Om de stijl te waarborgen moet alles netjes gerangschikt blijven, dit vergt het een en ander aan onderhoud, verder is het redelijk onderhoudsvriendelijk.


Landschappelijke tuin.
Kenmerken.
Dit zijn over het algemeen grotere tuinen, welke opgaan aan hun omringende landschap. Houten hekwerken, wat grovere afscheidingen en sterke beplanting, want de tuingrond van een landschappelijke tuin is in tegenstelling tot een gecultiveerde tuin vaak arm.
Beplanting.
Zeer kenmerkend zijn de sterker plantensoorten, zoals taxusstruiken, eikenbomen, meidoorn, sleedoorn, krenteboom, gelderse roos, fruitbomen en grof gemaaid gras
Materiaal.
De paden en terrassen zijn vaak van gebakken klinkers en granieten kinderkopjes gemaakt. Daarnaast zijn er ook paden van gras en boomschors mogelijk.
Onderhoud.
Dit type tuin is ondanks zijn afmetingen redelijk onderhoudsvriendelijk. Er kan volstaan worden met gras maaien, snoeien en soms wat wieden, met daarnaast natuurlijk de bebruikelijke voor- en najaarsbeurt.


Natuurlijke tuin.
Kenmerken.
Een tegenhanger van gemodelleerde tuinen zijn de natuurlijk aangelegde tuinen. In een natuurlijke tuin zijn de paadjes van gemaaid gras, welke slingerend door de bloemenweide lopen. Houd hier rekening met de tuingrond, deze moet zeer arm zijn. Het klinkt misschien vreemd, maar weidebloemen groeien niet graag op bemeste grond; zoveel armer de grond, zoveel meer bloemen zullen er verschijnen. Daarnaast moeten de beplantingssoorten vrucht dragen, waardoor er ook veel vogels en vlinders in leven.
Beplanting.
Inheemse plantensoorten passen het best bij een landschappelijke tuin. Vlier, gelderse roos, krenteboom, sleedoorn, meidoorn en vogelkers. Naast deze heesters kan er een bloemenweide ingezaaid worden. Er zijn hiervoor speciale bloemzaadmengsels in de handel.
Materiaal.
Boomschorspaadjes, gebakken klinkers, grindpaadjes, kinderkoppen.
Onderhoud.
Eenmaal aangelegd kost het weinig onderhoud.


Cottage tuin.
Kenmerken.
Een cottagetuin is een heel persoonlijke tuin. De cottagetuin kenmerkt zich door tuinkamers die door hagen, begroeide pergola’s of schuttingen omsloten zijn. De tuinkamers in de cottagetuin zijn meestal symmetrisch aangelegd. Paden met doorkijkjes zorgen voor onverwachte verrassingen. In iedere tuinkamer kan een andere sfeer opgeroepen worden. Zowel borders, netjes gerangschikt op kleur en hoogte, als een wilde bloementuin zonder duidelijke structuur behoren tot de mogelijkheden. De hagen zorgen voor structuur en beschutting.
Beplanting.
Zeer nauwkeurig uitgekozen naar kleur, hoogte en bloeitijd. Tijdens het groeiseizoen is er een overdaad aan bloeiende planten die tegen een stootje kunnen.
Materiaal.
Doordat de structuur en indeling van de cottagetuin op eigen wijze ingevuld mogen worden zijn zeer veel materialen geoorloofd voor de invulling van dit type tuin. Wel wordt er gebruik gemaakt van natuurlijke materialen.
Onderhoud.
Omdat de invulling voor ieder persoonlijk is, is het onderhoud dus ook afhankelijk van de indeling van de tuin. Meestal zijn dit de tuinen voor mensen die tuinieren leuk vinden en is de tuin vrij bewerkelijk.


Heide tuin.
Kenmerken.
Grote groepen verschillend bloeiende heidestruiken met een aantal solitaire wintergroene struiken of een groep rhodo’s. De grond moet een hoge zuurgraad hebben, het is dus moeilijk om op zware kleigrond of kalkrijke grond een heidetuin aan te leggen. Een flinke lading koemest of tuinturf maken de grond enigszins zuur, er zijn dus ook maar een paar vaste planten groepen die hier mee gecombineerd kunnen worden. Een kleine glooiing staat ook heel erg leuk met een kronkelend boomschorspaadje.
Beplanting.
Natuurlijk de heidestruiken (ericaceae), rhododendrons, Azalea, Pieris, Skimmia, Jeneverbes en diverse grassoorten. Daarnaast kunnen er nog een aantal vaste plantengroepen gecombineerd worden, zoals Nepeta en prunella.
Materiaal.
Boomschorspaadjes met eventueel een paar grote keien voor de hoogteverschillen.
Onderhoud.
Een heidetuin is vrij bewerkelijk. Alle heidestruiken met hun verschillende bloeitijden moeten na de bloei worden teruggeknipt, daar houd je ze jong mee en verhouten ze niet snel.


Watertuin.
Kenmerken.
Het water staat natuurlijk hierbij op de eerste plaats. De vorm van de vijver is mede afhankelijk van de rest van de tuin. In een tuin met strakke lijnen zal een strakke vijver geplaatst moeten worden. Zorg in ieder geval dat de vijver gesitueerd is bij een terras en het liefst zo dat u er ook nog van kan genieten vanuit de huiskamer. Daarnaast is een watertuin voorzien van meerdere al of niet in verbinding staande vijvers en andere waterstijlelementen.
Beplanting.
Wanneer de vijver gevuld is, is het belangrijk dat er meteen zuurstof-planten ingaan, dit om de vijver zo snel mogelijk helder te krijgen Daarnaast is er een grote diversiteit aan vijverplanten, die ook weer verschillen in de plantdiepte waar ze goed gedijen. Deze plantzones ( A, B, C, D en E) zijn opgesplitst in vochtminnende oeverplanten, moerasplanten, zuustofplanten en onderwaterplanten voor verschillende dieptes. Naast deze waterplanten zijn het de bamboe en diverse struiken die de sfeer geven aan een watertuin.
Materiaal.
Het is aan te raden om de vijver op te bouwen met hardhout of te metselen, dit is voor de levensduur van de vijver van belang. Nadat de structuur van de vijver  is vormgegeven en de randen waterpas zijn gemaakt, gaat het folie erin. Wat belangrijk is, is dat dit van rubberflexfolie word gemaakt, dit type folie is flexibel en veel sterker dan de ‘normale’ folie. De randafwerking is afhankelijk van het type tuin; er kan zowel gekozen worden uit een natuursteen afdekrand, betonproducten, een zinken afwerking, hardhout, een gecreëerde keienafwerking, etc. Het is natuurlijk ook mogelijk om een voorgevormde vijverbak te kopen. Naast de vijver zorgen houten vlonders, trappen en eventueel bruggetjes voor structuur en lijnenspel.
Onderhoud.
In het begin kan een vijver voor aardig wat werk zorgen, daar hij eerst in biologisch evenwicht gebracht dient te worden. Wanneer de vijver eenmaal in goede conditie is zal het onderhoud over het algemeen beperkt zijn. In het voorjaar kunnen de planten worden gescheurd. Overdadig groeiende wieren worden uit het water gevist. In de zomer moet u er gewoon van genieten, vissen mogen worden bijgevoerd en een eventuele overdadige groei van zuurstofplanten indammen. In het najaar moeten we zorgen dat de vijver bladvrij blijft, omdat er anders een rottingsproces opgang komt, waar zure gassen bij ontstaan. Wat u absoluut niet moet doen is een gat in het ijs hakken, er ontstaan hierbij trillingen die door de vijver ernstige schade aanbrengen.


Stadstuin – Patiotuin.
Kenmerken.
Dit type tuinen is vaak omsloten door muren en schuttingen van de omliggende woonhuizen. Deze beslotenheid kenmerkt de stadstuin en zorgt voor een patio-achtige sfeer. Het is er vaak warmer omdat de hitte vaak tussen de muren blijft hangen.
Beplanting.
Klimopplanten om de muren, schuttingen of pergola’s mee te laten begroeien, veel kuipplanten en daarnaast het assortiment vaste planten en heesters.
Materiaal.
Zorg dat er materialen worden gebruikt waar duidelijke lijnen mee kunnen worden aangegeven. In dit type tuin kan weer een stijl worden doorgevoerd.
Onderhoud.
Dit is geheel afhankelijk wat er allemaal in de tuin is neergezet. De afmeting is in dit geval niet bepalend voor het onderhoud, in een kleine tuin kunnen kuipplanten en potten met zomerbloemen voor veel werk zorgen.


Baroktuin.
Kenmerken.
Een uit de renaissance ontstane tuinstijl. Bekende baroktuinen zijn de tuinen van Versailles in Frankrijk en Paleis Het Loo in Nederland. Met een knipoog naar de barokstijl, worden tegenwoordig de formele tuinen aangelegd.
Beplanting.
Speelt eigenlijk een ondergeschikte rol. Het gaat hier veel meer om de vorm van de hagen en de kunstig gesnoeide taxusbomen.
Materiaal.
Zeer verschillende soorten materialen worden hier toegepast, zoals tegels, paden van grind, als het maar breed is en fors oogt.
Onderhoud.
Het normale maandelijkse onderhoud, met daarnaast de voor- en najaarsbeurt.


Romantische tuin.
Kenmerken.
Een lieflijk ogend geheel dat door spannende slingerende paadjes die via rozenbogen, hagen, poortjes, hekjes en allerlei andere verhullende elementen naar onverwachte hoekjes leiden. De romantische tuin lijkt erg op de cottagetuin, alleen is er hier meer aandacht voor details.
Beplanting.
Overdadige bloeiende beplanting, van goed uitgezochte vaste planten, rozen en diverse struiken. Bomen op stam horen ook echt bij dit sfeertje.
Materiaal.
Flagstone bestrating, grindpaden, gebakken klinkers, etc. Naast deze verhardingselementen worden er diverse beelden en ornamenten geplaatst, waar naar toe word gekeken via diverse rozenbogen. Potten en kuipen ontbreken hier ook echt niet.
Onderhoud.
Een redelijk bewerkelijke tuin, maar hij mag er doorheengaan als wat minder geordend.